Druivensoorten

Er zijn veel verschillende soorten druiven met elk hun eigen specifieke kenmerken en smaken. Hieronder vindt u de meest voorkomende druiven.

Witte wijn


Chardonnay
Niet de meest aangeplante witte druif ter wereld - bij lange na niet zelfs - maar wel verreweg de bekendste en meest internationale. Gedijt bijna overal en is in de Nieuwe Wereld een tijdje synoniem geweest met witte wijn. Chardonnay is van nature neutraal en in hoge mate manipuleerbaar. Wijnmakers kunnen er zich in technisch opzicht helemaal op uitleven. Je vindt Chardonnays zonder malolactische gisting, met gedeeltelijke of met complete malolactische gisting. Zonder hout, met een beetje hout of met veel hout. Droog of met een beetje restsuiker en soms zelfs zoet. En niet te vergeten in mousserende vorm. Chardonnay is net als de cabernet sauvignon een echte wereldburger, aangeplant in zo ongeveer elk land waar wijnbouw bedreven wordt. Zijn wortels liggen in Frankrijk, in de Bourgogne. Alle grote witte wijnen uit die streek, zoals Chablis, Meursault en Puligny-Montrachet, zijn 100% chardonnaywijnen. Ook in de Champagne speelt de chardonnay een belangrijke rol, ofwel in combinatie met pinot noir en pinot meunier, ofwel ongemengd. Alle Blanc de Blancs champagnes komen per definitie van chardonnay. De kalkrijke Côte des Blancs ten zuiden van Epernay is zelfs uitsluitend met chardonnay beplant. Minder bekend maar daarom niet minder interessant zijn de Chardonnays uit de Jura. Verder is de nodige chardonnay aangeplant in de Languedoc (als Vin de Pays d'Oc) Ook in Spanje en in Italië is de nodige chardonnay te vinden. In Oostenrijk noemt hem somsmorillon, een verwijzing naar een dorpje in de Champagne! Meer vindplaatsen in willekeurige volgorde: Midden en Oost Europa, Israël, China, Chili, Argentinië, Nieuw-Zeeland, Australië, Californië, Canada, Zuid-Afrika, enz., enz. Waar niet, eigenlijk?
 
Chenin Blanc
Kameleonachtige, uiterst veelzijdige druif die zowel strak droge als rijke, zoete wijn kan produceren. Kenmerken zijn o.a. een bloesemaroma, een zekere hartigheid, en, in koele gebieden, een stevige zuurgraad. Die tweede eigenschap maakt de droge versie niet altijd even makkelijk. Chenin excelleert in het Loiredal, waar hij vaak pineau de la Loire genoemd wordt. Als droge versie in wijnen als Anjou en Saumur, als edelzoete versie in wijnen als Coteaux du Layon en Vouvray. Die edelzoete varianten kunnen bijzonder goed op fles rijpen. De grootste aanplant van chenin blanc is te vinden in Zuid-Afrika, waar men hem ook wel steennoemt. De Kaapse Steen heeft minder zuren dan de wijnen van de Loire en wordt in de regel doelbewust gemaakt voor onmiddellijke consumptie. Een goed voorbeeld hiervan is de primeurversie Eerste Pluk. In de rest van de wereld blijft de aanwezigheid van chenin wat verborgen, omdat hij daar meestal in assemblages verdwijnt. Uitzonderingen op deze regel komen uit Californië, zowel droog als zoet. Gruener Veltliner Nationale witte druif van Oostenrijk, vooral aangeplant in Neder-Oostenrijk in gebieden als de Wachau, Kremstal, Kamptal, Weinviertel en Wien. De wijnen hebben een geheel eigen, origineel karakter met voldoende zuren en ietwat peperig accent - Oostenrijkers spreken liefkozend van een 'Pfefferl'. Veltliner wordt in de regel droog en 'houtvrij' gevinifieerd. Hij kan uitstekend jong gedronken worden, maar de krachtiger versies blijken zeer goed te kunnen rijpen.
 
Pinot Gris / Pinot Grigio /Grauburgunder
Familie van de pinot blanc met een roze gekleurde schil. Pinot gris is in de regel aromatischer en steviger van smaak dan de pinot blanc. Synoniemen zijn o.a. pinot grigio, grauburgunder engrauer burgunder. Veel aangeplant in Noordoost-Italië voor droge wijnen. Pinot gris in de Elzas - lange tijd tokay genoemd - geeft in de regel rijke, meestal wat zoetige wijnen. Drogere, maar ook zeer rijke wijnen vind je in de Pfalz en Baden, aan de andere kant van de Rijn. Pinot gris is verder aangeplant in o.a. Luxemburg, Hongarije (szürkebarat) en Oregon.
 
Riesling
Zeer uitgesproken, klassiek druivenras Erg kieskeurig wat betreft zijn omgeving. De rieslingdruif gedijt het best in een koel klimaat waar de druiven langzaam en laat rijpen. Rieslingwijnen onderscheiden zich door hun aromatische karakter, hun hoge zuren en hun finesse. Ook weerspiegelen ze - net als de rode pinot noir - in hoge mate nuances in bodemsamenstelling en klimaat. Trefwoorden: finesse, een minerale toets en complexiteit. Rieslings kunnen strak droog of weelderig zoet zijn en zijn meestal gebaat bij een paar jaar rijping. Pas dan ontplooien ze hun aroma ten volle. Typerend voor gerijpte Riesling is een beschaafde petroleumtoon (goût de pétrole). Edelzoete Riesling kan over het algemeen decennia lang op fles bewaard worden. De riesling is onlosmakelijk verbonden met Duitsland, met voor op gebieden als Moezel, Rheingau en Pfalz. Wijnen met een zoetje? Steeds minder. De trend in Duitsland is richting droog, met hooguit wat restsuiker om de zuren in evenwicht te houden. Voor een noordelijk gebied als de Moezel geldt dat meer dan voor een zuidelijk als de Pfalz. Een typisch Duitse specialiteit is riesling in mousserende vorm, Rieslingsekt. Een ander rieslingbolwerk is de Elzas met zijn sterke Duitse wijnbouwtraditie. Ook daar kan de hoeveelheid restsuiker behoorlijk variëren. De rheinriesling doet het ondanks zijn naam voortreffelijk langs de Donau in Oostenrijk, met name in gebieden als Wachau en Kamptal. De stijl van de wijnen is echter wel duidelijk anders dan in Duitsland. Droog en stevig is hier de regel. Ook in Noord-Amerika is riesling te vinden. In Californië is dat onder de benaming Johannisberg riesling en in verschillende gradaties van zoetheid. In het Canadese Ontario produceert riesling voortreffelijke icewine. Eveneens het proberen meer dan waard zijn de Rieslings uit de koele delen van Zuid-Australië, zoals Clare en Eden Valley. Riesling is in Australië bezig met een comeback na daar jarenlang in de schaduw te hebben gestaan van de chardonnay.
 
Sauvignon Blanc
Een druif en een wijn met een expressief aroma van citrusfruit, gras, asperges of bloemen? En met een verfrissende zuurgraad. Fruitig en sappig, vooral wanneer er bij de vinificatie geen hout aan te pas komt. Gebeurt dat wel, dan gebruikt men wel eens de benaming Fumé Blanc. De meeste Sauvignon ziet overigens alleen maar staal. In geval van assembleren met een ander ras gebeurt dat bijna altijd met sémillon. De meeste Sauvignon is geen bewaarwijn. Hij smaakt het best wanneer de aroma's bij wijze van spreken nog het glas uitstuiven. Sauvignon is tegenwoordig een mondiale druif die de chardonnay aardig naar de kroon begint te steken. Zijn wortels liggen aan de Loire, in Touraine en meer nog in de verder stroomopwaarts gelegen gebiedjes als Sancerre en Pouilly-Fumé. Dat zijn wereldwijd de schoolvoorbeelden van typische Sauvignon. Goede tweede in Frankrijk is Bordeaux en omstreken. In Entre-deux-Mers, Graves, Pessac-Léognan en Bergerac heeft de sauvignon de afgelopen jaren de sémillon steeds meer verdrongen. Bijzonder mooie Sauvignons komen tegenwoordig ook uit Steiermark (Oostenrijk) en Noordoost Italië (Südtirol/Alto Adige, Friuli) en Slovenië. De Nieuwe Wereld is niet achter gebleven. Of je nu in Chili, Zuid-Afrika of in Californië komt, aan goede Sauvignons geen gebrek, zij het dat de stijl wel varieert. Voor het echte spektakel moet je evenwel terecht in Zuid-Afrika en Nieuw Zeeland zijn. Nieuw Zeeland is zelfs een sauvignonland bij uitstek!
 
Verdelho
Portugese druif waarvan de naam nauw verbonden is met wijn van het eiland Madeira. Verdelho slaat daar echter vooral op een bepaalde stijl, minder op de druif zelf. Verrassende wijnen op basis van verdelho komen vooral uit Australië. Ze worden in de regel gekenmerkt door levendige citruszuren.
 
Viognier
Een rijzende ster onder de witte druivenrassen. Tot voor kort was viognier alleen maar aangeplant in de Noordelijke Rhône (Condrieu), maar tegenwoordig gebeurt dat op veel meer plaatsen. In de Languedoc en in Californië gebeurt dat zelfs op vrij uitgebreide schaal. Viognier heeft meestal behoorlijk veel body en alcohol maar weinig zuren. Het aroma ervan doet denken aan wit fruit.
 

Rode en rose wijn

 
Bonarda
romantische en enigszins exotisch aandoende druif uit Piemonte, waarvan de naam vooral verschijnt op de etiketten van wijnen uit het Argentijnse Mendoza. Geeft wijnen met een heel aparte, behoorlijk fruitrijke smaak.
 
Cabernet Sauvignon
De onbetwiste nummer 1 voor rode wijnen. Cabernetwijnen zijn normaliter herkenbaar aan hun uitgesproken aroma van zwarte bessen, ongeacht waar ze vandaan komen. Ze hebben in de regel veel kleur, terwijl ze in hun smaak behoorlijk veel fruit en de nodige tannines bieden. Bij overproductie of onvoldoende rijpheid maakt het fruit plaats voor een onaangenaam vegetale toon die aan groene paprika doet denken. Cabernets zijn wijnen die zich lenen voor houtopvoeding en die lang kunnen rijpen. In hun jeugd kunnen ze door de tannines wat stug overkomen. Daarom worden ze vaak gemengd met 'zachtere' rassen zoals de merlot of de shiraz. Omgekeerd wordt cabernet sauvignon regelmatig gebruikt als aanvullende druif om de smaak van traditionele rassen in een bepaald gebied wat complexer te maken. Cabernet sauvignon is een echte wereldburger, populair bij zowel producenten als consumenten. Hij wordt in een adem genoemd met Bordeaux, en dan in het bijzonder de gebieden op de linkeroever, Médoc en Graves. Hij krijgt daar overigens altijd aanvulling van merlot en meestal ook van cabernet franc. Cabernet staat zo ongeveer overal in Europa aangeplant. In het Franse Zuiden (Vin de Pays d'Oc) en Zuidwesten, in Spanje, in Italië en in Midden- en Oost-Europa. Hetzij als hoofdras, hetzij als smaakverbeteraar. Als echte wereldburger heeft de cabernet een solide reputatie opgebouwd in zijn Californië, met name in Napa. Chili en Australië produceren eveneens eersteklas Cabernets. Ook in andere 'nieuwe' wijnlanden zoals Zuid-Afrika en Argentinië neemt hij een prominente plaats in.
 
Carignan
Veel aangeplante druif in het Middellandse Zeegebied, in Spanje cariñena genoemd. Carignan genoot tot aan de jaren '70 grote populariteit bij producenten vanwege hoge opbrengsten maar wordt tegenwoordig in hoog tempo gerooid ten gunste van kwalitatief betere rassen. Dit gebeurt met name in de appellations van de Languedoc. Niettemin is de carignan nog altijd een van de meest aangeplante druivenrassen in Frankrijk. Carignan geeft wijnen met veel kleur, veel tannines en veel zuren maar met weinig verfijning. Assemblage met grenache en cinsault zorgt voor meer toegankelijkheid. Alleen carignan van oude stokken met lage opbrengst en in goede wijngaarden levert interessante wijnen.
 
Grenache / Garnacha
Voluit: grenache noir, want er is ook een grenache blanc en een grenache gris. In Spanje:garnacha. Typisch mediterraan ras, op grote schaal aangeplant in Noord- en Noordoost-Spanje (o.a. in Rioja, Penedès, Navarra) en in het Franse Zuiden. In de Languedoc, Roussillon en Zuid-Rhône (o.a. Châteauneuf) belangrijk bestanddeel van assemblages. Grenache geeft wijn met behoorlijk veel alcohol, maar is erg gevoelig voor oxidatie. Sleutel voor kwaliteit is een lage opbrengst. Grenachewijnen variëren in stijl van droge rosé tot zoete, bewust oxidatief gevinifieerde vin doux naturel, zoals Banyuls. Grenache heeft ook zijn weg gevonden naar Californië en Australië, waar hij in de regel deel uitmaakt van zogeheten Rhôneblends.
 
Malbec
De malbec, alias côt, auxerrois of pressac, stamt uit het Franse Zuidwesten en heeft van nature een wat rustiek karakter. Malbec vormt het hoofdbestanddeel van de wijnen uit Cahors en maakt in Bordeaux en wijde omgeving soms (in bescheiden mate) deel uit van de assemblage. Malbec heeft een tweede thuis gevonden in Argentinië en is daar op ruime schaal aangeplant. Argentijnse malbec (ook wel: malbeck) kan bijzonder goede wijnen met veel structuur en volheid opleveren. Wijnen die uitstekend op hout kunnen rijpen. Ook het buurland Chili kan zeer goede malbecwijnen produceren.
 
Merlot
De vaste partner van de cabernet sauvignon, maar wel heel anders van karakter. Minder tanninerijk, dus soepeler en makkelijker toegankelijk. Zoals merlot gebruikt wordt om de cabernet sauvignon wat te verzachten, zo wordt omgekeerd cabernet sauvignon gebruikt om merlot wat meer beet en ruggengraat te geven. Merlot hoeft niet per se te rijpen, maar de betere kan dat wel degelijk. Merlot is de meest aangeplante druif in Bordeaux en hoofdingrediënt van beroemde wijnen als Pomerol, Saint-Emilion en Fronsac. Pétrus, een van Bordeaux' allergrootste en beroemdste wijnen, wordt bijna volledig van merlot gemaakt. Verder vormt hij de basis van eenvoudiger basiswijnen in de vorm van Bordeaux en Bordeaux Supérieur. Bovendien is hij in opmars in de Médoc. Een belangrijke reden voor deze toenemende populariteit is dat merlot eerder rijpt dan cabernet sauvignon en dus minder gevoelig is voor najaarsregen. In het voetspoor van de cabernet heeft de merlot zich verspreid over de hele wereld. Sterker nog, merlot heeft inmiddels zijn eigen plaats gekregen. Een waar Europees merlotbolwerk buiten Bordeaux is Noord(oost) Italië, en dan met name Südtirol / Alto Adige. Hetzelfde geldt voor het kanton Ticino in Zwitserland. De Nieuwe Wereld heeft zich evenmin onbetuigd gelaten bij het aanplanten ervan. Aanvankelijk gebeurde dat vooral om de merlot met de cabernet te mengen, nu om aan de al maar stijgende vraag naar dit type te voldoen. Merlot is tegenwoordig in vrijwel alle belangrijke wijnlanden te vinden. Nero d'Avola Belangrijkste inheemse blauwe druif op Sicilië met goede zuren en tannine en een goed rijpingspotentieel. Wint daar steeds meer aan populariteit na een poosje in de schaduw te hebben gestaan van ‘internationale' druivenrassen. Wordt zowel in pure vorm als in assemblages uitgebracht.
 
Pinot Noir / Spätburgunder
Pinot Noir lijkt in alles de tegenhanger van de cabernet sauvignon. Pinot noir staat voor subtiliteit, charme en soepel fruit. Vergeleken met de cabernet is hij over het algemeen rijker aan zuren en armer aan tannines. En, als het goed is, van een bijzondere puurheid. Zeer kenmerkend voor pinot noir is zijn 'terroirgevoeligheid'. De kleinste nuanceverschillen in bodem en klimaat zijn al in de wijnen terug te proeven, te meer omdat pinot noir bijna altijd ongemengd blijft. Er valt dus niets te verdoezelen of te corrigeren. Pinot noir deelt deze eigenschap met zijn witte tegenhanger riesling. Pinot noir heeft zijn faam in de eerste plaats te danken aan grote rode Bourgognes. Wijnen met een goede kleur, extract en zuiverheid in geur en smaak. De wijnen hebben zelden dezelfde intensiteit als die van cabernet sauvignon of syrah, maar dat pinot noir geen wijn met kleur en structuur zou kunnen geven is een fabeltje. Gebrek aan kleur en inhoud is eerder het gevolg van te hoge opbrengsten in de wijngaard en te korte inweking tijdens het wijnbereidingsproces. Aangezien pinot noir erg kieskeurig is, om maar niet te zeggen een moeilijk druif, is zijn verspreiding niet onbeperkt. Hij gedijt alleen in relatief koele gebieden. Behalve de Bourgogne is dat in Frankrijk ook in de Champagne en dan met name in de Côte de Reims. Daar wordt pinot noir geassembleerd met de witte chardonnay en de pinot meunier. Hij zorgt voor een stevige, volle stijl champagne. Maar er is meer. Pinot is ook thuis in Sancerre en de Elzas in Frankrijk. En in Valais in Zwitserland. Vergeet trouwens ook Duitsland niet. Pinot noir heet daar spätburgunder en levert er al maar meer volle, krachtige wijnen. Spätburgunders nieuwe stijl zijn te vinden in o.a. Baden, de Rheingau en zelfs in het noordelijke Ahrdal. Een land buiten Europa dat de afgelopen tijd enorm veel opzien gebaard heeft met pinot noir is Nieuw Zeeland, waar met name het gebied Central Otago grote wijnen voortbrengt. Een ander land waar de pinot noir al definitief zijn plaats gevonden heeft is de VS. Binnen Californië zijn er zelfs diverse regio's waar pinot noir als specialiteit gekoesterd wordt: de Russian River Valley in Sonoma, Carneros, Monterey en Santa Barbara. Ook Oregon, onderdeel van de Pacific Northwest, heeft een innige band met pinot. De staat dankt er zelfs zijn reputatie aan.
 
Sangiovese
Meest aangeplante druivenras voor rode wijn in Italië, en dan vooral in het midden van dat land. De lijst van synoniemen is door die grote verspreiding en de variatie in klonen lang: sangioveto,brunello, morellino, prugnolo gentile enz. Sangiovese is op zijn best in Toscane en Umbrië, waar hij wijnen met de nodige tannines en zuren geeft en waar hij soms aanvulling krijgt van andere rassen. Voorbeelden van grote Italiaanse wijnen die in hun geheel of grotendeels van sangiovese gemaakt worden zijn o.a. Chianti, Vino Nobile di Montepulciano, Brunello di Montalcino en Carmignano. Minder gerenommeerd, maar wel goed voor het nodige volume is Emilia-Romagna, waar Sangiovese een eigen DOC heeft.
 
Syrah / Shiraz
Stoer, krachtig, geconcentreerd. Zie daar een paar typeringen voor syrah, alias shiraz. Kenmerkend zijn ook een diepe kleur, stevig fruit en de nodige kruidigheid. Geen makkelijke druif, maar wel een die wijnen met veel karakter geeft. Gedijt het best in een mediterrane omgeving op arme bodems en geeft wijnen die goed kunnen rijpen. De benamingen 'syrah' en 'shiraz' worden losjes door elkaar gebruikt. Ze refereren in de regel aan verschillende smaak stijlen: de eerste is wat pittiger, de tweede wat fruitiger. De wijnen kunnen zowel op zichzelf gebotteld als gemengd worden met andere druivenrassen. Zo'n assemblage is ofwel een Rhôneblend met o.a. grenache, ofwel een met cabernet sauvignon. De syrah komt historisch gezien wellicht uit de omgeving van de Shiraz in Iran, maar zijn ware thuisbasis is de Noordelijke Rhône. Daar is hij te vinden in klassieke appellations als Hermitage, Côte-Rôtie, Cornas, evenals in Saint-Joseph en Crozes-Hermitage. Meer naar het zuiden, in bijvoorbeeld Gigondas, Châteauneuf en Vacqueyras, gebruikt men hem als aanvulling op de grenache. In de Languedoc en de Roussillon is de syrah in opmars, hetzij als onderdeel van assemblages, hetzij als onversneden gebotteld. Behalve het Franse Zuiden is Australië een belangrijke syrahproducent. De druif heet daar overigens shiraz. Bovendien smaakt de wijn meestal anders dan de versies uit Frankrijk, minder pittig en meer 'jammy'. Australië's beroemdste wijn, de Grange - vroeger: Grange Hermitage! - is zo'n Shiraz. Wat je in Australië trouwens veel tegenkomt zijn assemblages van shiraz met cabernet sauvignon. Shiraz/syrah is ook te vinden in Zuid-Afrika, Argentinië, Chili en Californië. De aanplant neemt daar sterk toe als gevolg van zijn populariteit bij zowel wijnmakers als wijndrinkers.
 
Tempranillo
Nationale druif van Spanje en daar bekend onder diverse namen, zoals cencibel, tinto del paisof ull de llebre. Aangeplant in streken als Rioja, Ribera del Duero, Valdepeñas, Navarra, Costers del Segre en langs de Middellandse Zeekust. Tempranillo dankt zijn naam aan het gegeven dat hij vroeg rijpt. Immers, temprano is Spaans voor 'vroeg'. De druif produceert wijnen met veel kleur en structuur die goed op hout kunnen rijpen. Zijn zuurgraad is relatief laag, wat de toegankelijkheid ten goede komt. Tempranillo wordt zowel ongemengd als geassembleerd op de markt gebracht. Ook in Portugal is tempranillo te vinden en daarmee een van de weinige Spaanse rassen in dat land. De Portugezen noemen hem overigens tinta roriz of aragonez. Buiten het Iberisch schiereiland is de druif alleen nog in Argentinië te vinden.
 
Zweigelt
Meest aangeplante Oostenrijkse blauwe druif, in de jaren 20 ontwikkeld als kruising van blaufränkisch en st laurent. Van de eerste heeft hij de beet, van de tweede de vlezigheid. Meestal gebruikt voor wijnen om jong te drinken, maar sommige kunnen aardig rijpen.